In deze op een na laatste week voor de marathon, de tweede taper-week, ging het aantal kilometers aardig naar beneden. Vorige week nog (dik) 100, nu wilde ik niet boven de 65 kilometer uitkomen. Het werden er toch weer 70, maar laten we dat marge noemen.
Op maandag deed ik een herstelloopje met een kilometer op marathontempo. Alles voelde zwaar, tot aan die versnelling — toen ging het opeens lekker. Na dit mooie, zonnige rondje buiten deed ik nog wat testdingetjes op de loopband (later meer), maar geen twee trainingen op een dag meer.
Lekker nerden op de loopband…
Op dinsdag ging ik naar RA voor 3×3000 meter op marathontempo. Dat voelde te zwaar, maar ging ook iets te hard (rond 3:40 i.p.v. 3:45). Het zware gevoel lag, denk ik, niet zozeer aan het tempo, maar ik was ontzettend moe en somber. Benen van lood, zelfs tijdens een wandelingetje vanmiddag. De hoofdgedachte vandaag was: wanneer begint die taper nou echt?! Op Rotterdam Centraal bleken ze overigens al klaar te zijn voor zondag!
Rotterdam Centraal op dinsdagavond
Op woensdag een verkorte core-workout (30 minuten) en een halfuur yoga (deze: https://www.youtube.com/watch?v=-Nc55aCPKmE) en vooral dat laatste voelde heel erg goed. Op donderdag deed ik, vanwege onvoorziene dingen op werk (o.a. dat ik door het grote treinongeluk colleges en besprekingen online moest doen), de training thuis op de loopband: 6×1000 meter op marathontempo. Dat ging goed, maar tijdens de laatste interval werd ik afgeleid en ik kon het tempo, dat ik, eerlijk is eerlijk, flink had opgevoerd voor de laatste — zeker geen MT — op 900 meter niet meer volhouden. Die laatste interval ging dan ook op 3:32. Om dat goed te maken (wat nergens op slaat, ben ik bang…), heb ik daarna de 100m gedaan met 250m extra. Ik voelde me moe, maar heb ik netjes uitgelopen en daarna lekker gedoucht.
Op vrijdag volgde weer een yoga-sessie van een halfuur om zaterdag uitgerust aan de start van de 10km in Schoonhoven te kunnen staan — de laatste wedstrijd voor de marathon en daarmee de traditionele ‘leegloop’. Aan het einde van de middag legde ik alvast mijn spullen klaar — dan is dat maar uit mijn hoofd.
Spullen voor de 10K op zaterdag
Het plan voor zaterdag was om weg te gaan op 3:35 per kilometer (35:50) en te kijken hoe het voelt. Niet te veel op specifiek tempo focussen, het is een leegloop. Te hard gaan is te lang herstellen. Het is een test, dus het moest geen PR worden! Alles tussen de 36 en 37 minuten zou mooi zijn. Dat schreef ik van tevoren op.
Met Stefan vlak na de start — groot deel samen gelopen en elkaar uit de wind gehouden, maar Stefans versnelling aan het einde ben ik niet meer aangegaan
Ik liep 36:13. Het voelde wederom zwaar; ik had vooral een zwaar gevoel in de benen, al vanaf het begin. Het was daarnaast ook een zwaar parcours met veel bochtjes, bruggetjes en schelpenpaden. We stonden er met een grote groep van RA en dat deed me heel goed. Ik ben ook eigenlijk best tevreden met hoe het ging — het was gewoon een goede leegloop voor Rotterdam. Tevreden zijn; zwaar, maar netjes gelopen en doel gehaald. Ik heb er een mooi gevoel aan overhouden dat we met een groep de wedstrijd hebben gelopen.
Wat helemaal leuk was, was dat de organisator, hieronder op de foto, een mapje had met een A4’tje waarop hij sinds 1974 de winnaars bijhield. Geweldig, zeg. Ik heb daarover een heel leuk gesprek met hem gehad en er stonden flink wat bekende namen op de lijst. Geweldig dat iemand zich al zolang inzet.
Alle winnaars vanaf 1974
Op zondag, Eerste Paasdag, deed ik samen met Eva een trail — op hersteltempo voor mij. We hebben een werkelijk schitterende route bij Lage Vuursche en Baarn. Wat een schitterende route, zeg! Ik had de GPX van de Lage Vuursche Trail gedownload en die viel zeker niet tegen.
Lage Vuursche Trail
Het mooie weer (’s morgens nog weinig zon, maar verder prima) hielp ook en het vooruitzicht daarna lekker met familie aan de paaslunch te kunnen was ook heerlijk. Een heel geslaagde en zeer ontspannen dag met zelfs nog een kleine sjoelcompetitie in de tuin!
De eerste tapper week begon met twee trainingen op maandag: een heuveltraining met 14 kilometer op 5 procent helling en later nog een herstelloopje van 5 kilometer. Op de dinsdag volgde een zware training: 2x3km, 2x2km en 2x1km op marathontempo. Zwaar, maar het voelde goed en niet te moeilijk. Het zonnetje scheen, dus dat hielp ook. Sowieso vind ik het wel fijn als de intervallen in een training steeds korter worden; je kunt dan al redelijk snel denken dat het zwaarste erop zit en dat is gewoon lekker. Ik liep weer de Altra Escalante Racers in en die voelden, zeker in de tempoblokken, lekker. Na de training zag ik dat de munt in de tuin al flink gegroeid was, dus ik zette lekkere verse muntthee. Heerlijk!
Verse muntthee uit eigen tuin!
Of het een goede hersteldrank ik, weet ik niet, maar het is wel erg lekker en verfrissend.
Op woensdag een herstelloop van 10,5 kilometer met helaas heel harde wind en die was op donderdag tijdens de baantraining duidelijk nog niet gaan liggen. Ik was erg moe vooraf, maar de 6x800m, 6x400m en 5x200m gingen in de goede tempo’s. Nou ja, iets te hard vooral de 200m’s, maar niet té gek.
Vrijdag deed ik de laatste lange core-workout (45 minuten) en op zaterdag de laatste lange duurloop van de keer 30km. Op het schema stond, voor degenen die twee weken voor de marathon hun laatste lange duurloop wilden doen een 35-39km op het programma met een MT-blok van 10 kilometer. Ik doe de langste duurloop meestal drie weken van tevoren en dat was deze keer niet anders. De trainer adviseerde het tempoblok daarop aan te passen, dus dat werd een blok van 5 kilometer. Helaas was het weer zaterdag erg slecht, met wederom harde wind en buien. Daarnaast klopte de route niet, maar ik kende de omgeving enigszins en wist dat er niets anders opzat dan omdraaien.
30 kilometer door de polder
Het was dus niet de fijnste loop en door de opgebouwde vermoeidheid voelde het ook best zwaar. Overigens trof ik in Midden-Delfland nog een kuitenbijtende hond — echt zo’n klein keffertje — maar het beest beet niet door en ik kwam er met de schrik vanaf. De Maurten-test — een bidon Maurten-160 vooraf, een gelletje op 10 en op 20 kilometer — ging gelukkig wel goed. Ik droeg sinds lange tijd weer eens de Altra Escalante Racers. Fijne schoenen, maar weinig demping en geen drop, dus het is wel werken.
Altra Escalante Racer
Na afloop trakteerde ik mezelf op een espresso, een paasei en een Suske en, noem het kinderachtig, een Suske en Wiske. Daar had ik nou gewoon eens zin in.
Jezelf trakteren na de duurloop
Op zondag had ik een rustdag met wat korte krachtoefeningen en een halfuurtje yoga. Het weer werd ‘s middags heel mooi en ik ben in mijn eerste motorritje van het jaar naar een tenniswedstrijd van Eva gereden. Koud, maar heerlijk zonnig — een mooie afsluiting van toch nog een flinke trainingssessie.
Dit was de laatste week voor de taper-periode, zeg maar afbouwperiode voorafgaand aan de marathon. Sommige hardlopers nemen daar twee weken voor, sommige lopers drie en anderen doen weer iets anders. (Er is veel literatuur over te vinden, overigens.) Ik bouw vanaf drie weken voor de marathon al rustig wat af.
De weekomvang was 130 kilometer met de piek in de duurloop op zaterdag — 38 kilometer, maar eerst een dubbele training op maandag.
Duurloop Schiedam-Boskoop
Die dubbelaar op maandag voelde te zwaar, zo direct na het flinke trainingsweekend. ’s Morgens een herstelloop van 11 kilometer een aan het einde van de middag/begin van de avond nog eentje van 15 kilometer. Dinsdag volgde de tempotraining van RA, die ik wegens mijn gemoedstoestand zelf deed. Die training bestond uit inlopen, dan 1, 1.5, 2, 3, 2, 1.5 en 1 kilometer op MT en uitlopen — dat alles goed voor 20 kilometer. Ik had geen zin, maar ben toch gegaan. Ook nu lonkte de loopband, maar ik mezelf ertoe aangezet buiten te trainen. Dat voelde, gelukkig, goed! Er stond, zoals wel vaker de laatste tijd, een flinke wind, maar er was ook nog wat zon en dat deed me goed.
Ik testte die dinsdag de Altra Vanish Carbon getest. Niet super ’snappy’, zoals de carbonschoenen van Nike, maar ze voelden wel goed. Training was zwaar, maar voelde minder erg dan twee weken geleden. De tempo’s gingen dan ook te hard (3:35-3:40), maar wel goed en schoenen voelden goed op/boven MT. Elektrolytendrank van Torq getest. Geen last van de maag en dat was met die (last-minute) Isostar wel anders.
Altra Vanish Carbon getest
Op woensdag deed ik een herstelloop van 15 kilometer en op donderdag de baantraining bij RA (4x(500m, 1000m, 500m)+4x200m). Ook nu weer geen zin en na een dag met zon begon het precies om 19.00 uur te regenen. Balen, maar de training viel mee. Ik knapte er mentaal een beetje van op. De training voelde niet heel zwaar en dat op een heel natte baan; niet ontevreden.
Op vrijdag deed ik cross-training (een core-workout) en op zaterdag volgde de lange duurloop van 38 kilometer met acht kilometer op marathontempo aan het einde. Ik had die duurloop bewaard om, met een mooie omweg, naar mijn zus in Boskoop te lopen. De kei-, keiharde wind stond daar op zich gunstig voor, precies totdat ik het tempoblok startte. Enorme tegenwind en na vijf kilometer merkte ik dat ik moest forceren om netjes en op MT te blijven lopen. Dat voelde niet goed, dus ik heb het MT-blok afgebroken en de duurloop netjes afgemaakt.
In Waddinxveen, net na het MT-blok
In mijn hoofd schoot, na die vijf kilometer MT, al gelijk: ‘dan morgen maar de rest’, waarbij ik wist dat de rest dan niet de overgebleven drie kilometers waren, maar dat ik waarschijnlijk het hele tempoblok opnieuw zou doen. En zo geschiedde… Niet slim, maar het voelde, zeker na zo’n duurloop, helemaal niet verkeerd op zondag. Ik had wel vermoeide benen, maar ja, dat is wel een beetje de bedoeling van zo’n tempoblok aan het einde van een duurloop.
Ik had van tevoren wel zin in de duurloop op zaterdag; het regende nauwelijks, het was de langste van dit schema — dus daarna taperen — en ik had een mooie route langs veel water en groen bedacht. Mijn zus weer zien en lekker bijkletsen als kers op de taart — dat is mooi.
Een belangrijk onderdeel van deze duurloop was overigens nog het testen van de Maurten-drank en -gels. Nu ben ik eigenlijk niet zo van gels en deze vind ik ook veel te duur, maar na een interessante informatieavond bij Runnersworld in Rotterdam wilde ik het toch proberen. Het voelde goed, maar daarover binnenkort meer.
Ontbijt en start van de Maurten-test
Koffiedrinken bij mijn zus was heel erg fijn en een mooie afsluiter van de duurloop. Het is daarna ook helemaal geen straf om met de trein naar huis te gaan en je klaar te maken voor een mooie avond uit eten en theater.
Van vrijdagmiddag 17 tot en met zondag 19 maart vond het trainingsweekend van onze groep van Rotterdam Atletiek plaats in het mooie Burgh-Haamstede, Zeeland. Zo’n weekend biedt een mooie voorbereiding op de marathon van Rotterdam; een heel weekend veel trainen en lol met een mooie groep.
Op vrijdag startten we rond 16.30 met een herstelloop van 11km door o.a. de duinen. Het was schitterend weer en het voelde, na een kort loopje in de ochtend, heerlijk om de benen weer in beweging te brengen.
Een mooie, eerste herstelloop op vrijdag
Na de herstelloop was er tijd om te douchen en daarna had trainer Carla voor iedereen gekookt — heerlijk en natuurlijk erg gezellig om met een groep van ongeveer 20 man te eten. Wat ik wel merkte, doorheen het hele weekend, was dat ik het, gezien mijn mentale gesteldheid, soms opeens heel zwaar kan vinden om in een drukke groep te zijn. Gelukkig was er alle ruimte om dan even de rust op te zoeken.
Op zaterdag begonnen we de ochtend om 8 uur met herstelloopje van 11 kilometer. Ook nu voelde het heerlijk. Na de herstelloop gezamenlijk ontbijten, daarna met de meegebrachte schroevendraaier op pad. Niemand wist waarom dat moest, maar we bleken mosselen te gaan zoeken. Niet helemaal mijn ding — ik eet geen dieren — maar het was wel een heel leuke ochtend met elkaar.
Mosselen zoeken
Daarna terug naar Burgh-Haamstede voor koffie en een echte Zeeuwse bolus.
Zeeuwse bolussen bij Bakkerij Sonnemans
Wandelend keerden we terug naar de huisjes en na een snelle lunch volgde de verrassingstraining in de middag; dat bleek een run-bike-run naar de Neeltje Jans en terug te zijn. In duo’s moesten we het parcours zo snel mogelijk afleggen, waarbij je zelf je strategie qua afstanden en wisselpunten mocht bepalen. De heenweg was, vond ik, erg zwaar, want hoewel de wind niet heel hard was, loop je in Zeeland, zeker over het water en de Roggenplaat, volledig in de wind en aan de kust is die wind dan gewoon hard. Het mooie was dat iedereen volledig ging voor de wedstrijd en dat is goed aan de startfoto te zien.
De start van de run-bike-run
Na de run-bike-run hebben we de fietsen teruggebracht, uitgelopen en ben ik met wat anderen lekker de sauna ingedoken. Flink zweten en goed drinken — dat voelde heel goed. Daarna lekker uit eten en weer vroeg naar bed voor de lange trainingsdag van morgen.
Op zondag deden we eerst een herstelloop van tien kilometer (nou ja, acht kilometer, maar ik plakte er nog twee aan vast…).
Herstelloopje op zondagochtend
Daarna was er tijd voor ontbijt en even rusten, want om 12 uur begonnen we gezamenlijk aan een flink zware trail — veel duinen, veel zand, flinke wind. Maar, wel droog en soms ook een zonnetje. We hebben enorm geboft met het weer.
Mooie en zware trail over Westenschouwen
De eerste helft van de trail viel me zwaar; niet qua tempo, maar mentaal. Ik was echt heel somber, maar net over de helft, nota bene tijdens een zwaar stuk strand, kwam ik in een mooi ritme, leek het vanzelf te gaan en kon het me bijna niet lang genoeg duren. Vandaar dat ik aan het einde ook nog een (letterlijk) rondje om de kerk van Burgh-Haamstede deed, om de 30 kilometer vol te maken. Ik ben heel blij dat ik tijdens de trail zo opknapte, maar het vreemde is wel, dat ik wel vaker merk dat ik bij duurlopen eigenlijk pas na een kilometer of 20 lekker en met wat met meer plezier begin te lopen. De tempo’s gaan dan makkelijker en ik heb minder sombere gedachten.
Na de trail was er de traditionele schranspartij in het huisje, met veel yoghurt, fruit en natuurlijk boterhammen met veel pindakaas! Ook nu deden we weer een hete saunasessie met veel zweten en drinken en na wat uitrusten volgde een vroeg diner, zodat we na het opruimen op tijd naar huis konden.
Er was veel lekker eten
Het was een soms moeilijk, maar vooral heel mooi weekend met fijne mensen en goede trainingen. De weekomvang kwam voor mij, nota bene de week na de CPC, op 151 kilometer en dat voelde goed, maar is natuurlijk eigenlijk wel te gek. Zoveel heb ik nog nooit gelopen en het is dan ook wel de piek van deze marathonvoorbereiding.
Na een drukke werkdag werk ik tegen de avond een flinke hardlooptraining af; blokken in marathontempo, te wegen 2, 3, 4, 3 en 2 kilometer. Aan alles voel ik de trail van zondag (37km) en de herstelloop en heuveltraining van gisteren (29km) nog in de benen.
Voor het laatste blokje hijg ik even uit en neem een slokje water. Een vrouw stopt even, kijkt me aan en vraagt of ik een chocolaatje wil. ‘Nee, bedankt,’ zeg ik, ‘nog een versnellinkje en dan zit het erop.’ Tijdens het laatste blokje heb ik spijt van mijn antwoord, want de training van toch weer 21 kilometer met 14 kilometer op MT valt me zwaarder dan me lief is en een bonbonnetje is toch wel lekker.
Het laatste blokje gaat gepaard met wat hagel/natte sneeuw. Eenmaal terug bij de bidon zie ik dat die verplaatst is. Er ligt een vershoudzakje vol chocola onder.
Een lief gebaar — soms heb je dat even nodig
Deze mij onbekende dame wist beter wat ik op dat moment nodig had dan ikzelf — niet per se chocola, maar een lief gebaar op een lange, sombere dag. Na de laatste interval heb ik er lekker een genomen en dat voelde heerlijk.
Wederom was het mentaal een zware week; veel somberheid en weinig zin in, nou ja, eigenlijk zo’n beetje alles. Het dieptepunt lag weer op de donderdag, de dag van de groepstraining, maar het dal leek minder diep dan vorige week.
Op maandag deed ik een dubbele training (herstelloop+heuveltraining) op de loopband.
Herstel+heuvels op de loopband
Op dinsdag deed ik thuis de tempotraining, bestaande uit 5×10 minuten op MT. Ik moest vroeg college geven en kon ook enigszins op tijd naar huis. Daardoor kon ik de training nog in de ondergaande zon doen, al merkte ik doorheen de hele week dat de loopband lonkte. Waarom? Ik weet het niet, maar ik denk dat het te maken heeft met precieze tempo’s kunnen lopen (tempo instellen en rücksichtslos de band volgen) en ook met het ontwijken van andere mensen. Ik heb daar, zeker na een werkdag, geen zin meer in. Dinsdag scheen echter het zonnetje en ik vind de bovenstaande neiging niet goed, dus toch naar buiten gegaan. Dat voelde de eerste tien minuten niet fijn, maar toen ik het uitgezette rondje eenmaal een keer had gedaan, ging het steeds makkelijker en fijner. De tempo’s gingen goed en het zonnetje laadde me op.
Woensdagochtend voor mijn colleges deed ik een VO2Max-training op de Wahoo (met, het kan nooit kwaad, een flinke bak UV-licht om de stemming wat op te vijzelen) en donderdag volgde de avondtraining bij RA op de baan — 9x1000m in rondjes 86’. Dat was het plan, maar het ging wat beter dan gedacht, dus de rondjes gingen vaker naar de 83’-84’, maar dat is marge, vind ik. Het voelde beter dan verwacht, maar die tegenzin van tevoren is wel heel erg vervelend.
Wahoo, koffie en UV-licht…
Vrijdag een herstelloopje van 12km dat te zwaar voelde en zaterdag een core-workout, maar niet hardlopen. Lekker een dag met Eva en een wandeling met mijn zus. Ik voelde me moe, dus de workout in de ochtend was wellicht niet zo’n goed idee. Niet lopen was dat wel, want op zondag stond een lange trail op het programma.
Het plan voor zondag, dat al maanden geleden met mede RA-leden was gesmeed, was een trail van 43km. Mijn trainer vond dat, gezien mijn mentale staat, geen goed idee, maar 35 ‘mocht’ wel. De eerste 15 tot 20 kilometer had ik helemaal geen zin, ondanks leuk gezelschap van Marco en Ton en een schitterende route. Daarna ging het steeds gemakkelijker en kreeg ik er ook meer plezier in.
Mooie trail rond de bossen van Oosterhout
Vanaf 26-27km ging het praktisch vanzelf. Raar, niet? Ik appte dat ook aan mijn trainer en zij reageerde met ‘Zin die kwam is niet gek. Als je in je ritme en ontspanning komt + focus ( niet denken maar doen) wordt het leuk.’ Ik denk dat daar heel veel waarheid in zit; ik leef veel in mijn hoofd en gevoel laten spreken blijft lastig. De laatste drie kilometer waren overigens wat zwaarder, maar gingen ook in een hoger tempo; nog even lekker een stukje harder. Dat voelde dan wel weer goed, maar laatste km vrij zwaar.
Na afloop hebben we lekker koffie gedronken bij pannenkoekenhuis De Hannebroeck en natuurlijk met z’n drieën lekker een pannenkoek gegeten. Erg lekker en, vanaf dus een kilometer of 15 en achteraf, een heel mooie dag en de afsluiting van een week met flinke omvang.
Heerlijke pannenkoeken!
Nu de rest van de dag rustig aan doen en herstellen.
De achtste week in het marathonschema voor Rotterdam 2023
Het was een flinke week; druk met werk, mentaal helaas niet fit en toch flink wat kilometers en trainingen voor de boeg. Eva was dinsdag jarig, dus een etentje bracht wel een welkome afleiding. Héroine in Rotterdam bleek een aanrader — leuke bediening en aankleding en heerlijke, originele gerechten waar duidelijk veel aandacht aan was besteed.
Dinsdag zat qua werk en dus een etentje propvol. Daarom heb ik maandag maar een dubbele training gedaan. ‘s Morgens een rustig loopje van 9km en aan het einde van de middag een heuvelloop met 12 kilometer op 5% — loopbandwerk dus, maar daar heb ik helemaal geen hekel aan. Die tweede training voelde lekker en ik had geen last van het herstelloopje ’s morgens. Ik voelde de wedstrijd van de dag ervoor nog wel wat in de benen.
Op woensdag deed ik de marathontraining van RA. Die bestond uit 3000m+1500m+3000m+1500m+3000m op marathontempo (3:40-3:45). Het eerste blokje voelde wat zwaar, maar dat is vaak vooral de gedachte dat ik pas aan de eerste interval bezig ben. Daarna ging het steeds gemakkelijker. Op donderdag volgde de baantraining en ik had er echt helemaal geen zin in. Het gaat mentaal weer wat slechter en hoewel ik me bewuster ben van mijn gevoel en wat ik daarmee kan (en niet kan of hoef), beleefde ik geen lol aan de training, ondanks een begripvolle trainer en een leuke groep. De koude en wind hielpen niet, maar daar had ik vroeger nooit zo’n moeite mee. De harde baantempo’s voelden oké, dus daar lag het ook niet aan. Ik houd het op een sombere dag en soms is dan het beste gewoon te accepteren dat het niet leuker wordt. Morgen weer een dag.
Vrijdagochtend liep ik, tussen werkafspraken door, een herstelloopje van 12 kilometer. Dat voelde zwaarder dan het hoorde. Normaliter hecht ik niet echt waarde aan de suggesties van Garmin, maar deze week kreeg ik steeds meldingen van ‘overtraining’ op basis van een verlaagde hartritmevariabiliteit (HRV). Helemaal toevallig lijkt me dat niet.
Overbelasting volgens Garmin…
Op zaterdagochtend voelden mijn benen, wellicht door de planning en algehele drukte, nog flink zwaar. Op vrijdagavond was ik ook nog naar de Motorbeurs in Utrecht, dus het was allemaal wat veel. Ik probeer zo’n volle agenda sinds een jaar te voorkomen, maar soms loopt het gewoon zo. Ik had zaterdagochtend weinig zin in het lopen — een 33km-duurloop met 6000m op marathontempo aan het einde, maar ik ontbeet goed en na wat huishoudelijke taken (en de noodzakelijke koffie) ben ik toch met wat zin gaan lopen. Er woei een loeiharde wind, maar ik had een rondje bedacht dat begon in Schiedam en dan door Vlaardingen naar Maasland, Gaag, Schipluiden en langs Abtswoude terug naar Schiedam liep. Daarbij had ik de eerste helft (keiharde) tegenwind — altijd lekkerder dan andersom. (Toevallig lees ik nu de biografie van Lieuwe Westra en hij plande zijn wielerrondjes ook altijd expres met tegenwind in het begin.)
Mooie, winderige route
De fikse hagelbui waarin ik belandde was minder fijn, maar ik zat er niet zo mee en ik heb flink van de soms goed schijnende zon kunnen genieten. Fietsers met tegenwind inhalen, hoewel het een beetje flauw klinkt, geeft natuurlijk ook gewoon een lekker gevoel. Het rondje gaf ook mooie, oer-Hollandse uitzichten — schitterend!
Nabij Schipluiden; hoe Hollands wil je het hebben?
De duurloop van 33 kilometer voelde ‘normaal zwaar’, maar wel op een fijne manier — ik had er ook gewoon plezier in. Het zonnetje hielp daarbij erg. Het tempoblok van 6000m op marathontempo aan het winde was pittig, maar ging goed. Het overheersende gevoel was dat ik er best voor moest werken, maar dat het ook goed en leuk voelde. Dat noem ik winst aan het einde van deze week. Soms betrap ik mezelf erop dat ik voel dat alles zonder moeite zou moeten gaan, maar dat hoeft natuurlijk helemaal niet. Een training mag best zwaar voelen, zolang het maar niet té zwaar is.
Morgen herstellen — misschien een herstelritje op de Wahoo, maar misschien ook gewoon niks. Na een week van 115 kilometer zie ik het wel.
Vandaag stond een duurloop van 27km met een blok van 5000m op marathontempo (MT) op het programma. Nou ja, op het programma stond een duurloop van 30-32km met hetzelfde blok in MT, maar na de trailmarathon krap een week geleden vond ik het verstandig de duurloop ietsje in te korten. Daarnaast loop ik morgen met Eva nog een trail van 15km en hoewel dat voor mij in hersteltempo is, zijn het toch 15 kilometers extra.
Ik had het plan om een ronde te plannen met een koffiestop bij een vriend aan het einde van de route, maar die vriend appte dat hij niet thuis was. Kan natuurlijk, dus toen bedacht ik dat ik met een flinke omweg naar het station in Delft zou lopen en dan met de trein terug zou gaan. Uiteindelijk heb ik gewoon lekker een rondje bedacht dat thuis begon en eindigde — ik had toch geen zin in een hele extra reis terug. Het rondje werd uiteindelijk het onderstaande, met genoeg voor mij nieuwe of lang niet belopen paden.
Rondje Vlaardingen, Broekpolder en Schiedam/Midden Delfland
Vanmorgen hadden Eva en ik een uurtje skiles en ik voelde me sowieso nog moe, dus ik moest echt zin maken in de duurloop. Toen ik eenmaal wegging, ging het vrij gemakkelijk, maar begon ik aan te hikken tegen het MT-blok dat ik in kilometers 20 tot en met 25 zou doen; benen voelen zwaar, week al te omvangrijk, al dat soort gedachten. Ik had naar mijn eerdere ervaringen moeten luisteren, want de eerste 20 kilometer speelde ik met de gedachte het MT-blok niet te doen of in te korten, maar toen ik eenmaal begon, ging het weer makkelijker dan gedacht. Zal je altijd zien.
Uiteindelijk was het heerlijk buiten — veel minder koud dan ik dacht (handschoenen had ik eerder aan omdat ze nieuw waren, dan dat het echt nodig was) en gewoon heel fijn om een flinke tijd buiten bezig te zijn. Eenmaal thuis heb ik nog even nagenoten met lekkere thee, de krant en wat yoghurt met bessen en muesli. Ondanks de tegenzin bleek het toch een goede training.
Op zaterdag 4 februari liep ik in de omgeving van Apeldoorn de Trailmarathon door Kroondomein Het Loo. Ik liep hem eerder in 2020, maar de jaren erna ging de marathon niet door vanwege corona.
Startnummer opspelden en, na de koffie natuurlijk, gaan.
Deze trail over de volle marathonafstand valt qua training voor Rotterdam ’23 nooit helemaal lekker in de planning, maar het is zo’n mooie route door een gebied dat het grootste deel van het jaar afgesloten is, dat ik ‘m toch graag weer wilde lopen. Natuurlijk was het plan de marathon als duurloop en dus training te zien en natuurlijk liep het net iets anders.
Toch maar water meegenomen — slechts halfvolle flesjes, maar er was maar een drankpost en dat is voor zo’n lange trainingsloop te weinig als je snel wilt herstellen
De voorbereiding was zeker niet perfect, maar ja, het moest ook een training worden. Ik had donderdag en vrijdag twee heel drukke werkdagen — leuk, een heidag en een conferentie, maar de hele dag en een deel van de avond staan, praten, lezing geven et cetera is niet echt ontspannen. Het plan was weg te gaan op 4:20 en kijken wat de trail qua zand, blubber en hoogtemeters zou brengen. Ik ging wat te hard weg met de nr. 1, maar ik heb zonder veel moeite en best ontspannen kunnen lopen. De nr. 1 was een triatleet die zichtbaar meer kracht had bij het klimmen, dus het was niet erg hem uiteindelijk te laten lopen. Dan toch gemakkelijk 2e worden in 2:59:01 voelt goed, zeker als je erbij optelt dat ik twee keer verkeerd gestuurd werd. Een van de twee voorste fietsers van de organisatie reed voor me, maar bleek de route niet te hebben. Op dat moment baalde ik, zeker omdat ik tweede lag, flink, maar na afloop was het gewoon zoals het was. Het was heel mooi weer, dus ik heb er vooral van genoten.
De route was anders dan een paar jaar geleden, maar even schitterend. Heerlijk, alles onverhard en er zelfs een februarizonnetje bij!
Op een kilometer of 32 had ik mentaal een dip, gewoon geen zin meer, maar dat heb ik tijdens de marathon wel vaker gehad en daar kom je vanzelf weer uit. Het duurde vandaag tot een kilometer of 35 en toen had ik er weer zin in. Ik heb het tempo in die kilometers gewoon constant kunnen houden, dus dat was prima. Ik liep overigens op Vibram V-Trails en dat ging goed, maar het maakte het natuurlijk ook wel wat zwaarder, omdat je geen drop, bounce of demping hebt en de scherpe takken en stenen duidelijk voelbaar zijn. Ik heb zelfs een paar kilometer een takje tussen mijn tenen gehad, maar dat verloor ik gelukkig ook weer.
De laatste kilometers heb ik nog wat versneld, maar niet te gek gedaan. Tijdens zo’n trail is er eigenlijk geen publiek, dus dat is mentaal zeker minder dan bijvoorbeeld Rotterdam, maar al met al een geslaagde dag. Zoals gezegd werd ik tweede en dat was helemaal geen doel, maar wel erg leuk natuurlijk. Op 39km riep een wandelaar nog sub-3:00 en dat was zeker ook geen doel, want eigenlijk te hard voor een duurloop, maar ja, toch maar voor gegaan — het was nog maar een klein stukje en ik hoefde er weinig meer voor te doen op dat moment.
Samen met Arnoud Runia, de nr. 1
Het voelde als een goede, lange en onverharde duurloop met flink wat hoogtemeters en zand. Goede training voor Rotterdam! Veel dank aan de organisatie en het net overgenomen restaurant aan het Uddelermeer voor de goede sfeer, omkleedgelegenheid, koffie en soep!
Zo, de eerste week van het marathonschema voor Rotterdam 2023 zit erop. Een weektotaal van 85km, met heuveltraining, MT-intervallen en baantempo’s. Vandaag de week qua hardloopkilometers afgerond met een duurloop van 25km; inclusief een blokje van 2000 meter op marathontempo aan het einde.
Voor dit marathonschema heb ik me voorgenomen wat meer plezier te hebben en wat minder hard rigide te trainen. Daarom ga ik proberen de lange duurlopen steeds naar iemand toe te lopen om bij te kletsen, koffie te drinken en niet de inmiddels geijkte routes te lopen.
Een saaie, druilerige foto die een aardige indruk geeft van de ochtend.
Vandaag, zaterdag 14 januari, liep ik naar een vriend die bij het Zuiderpark in Den Haag woont. De duurloop ging prima, evenals het MT-blokje, maar wat was het een slecht weer, zeg! De volle 25km in de regen en door diepe plassen. Nou ja, het hoort erbij en ik heb me toch goed vermaakt. Met koffie en bijkletsen in het vooruitzicht gaat dat ook net iets makkelijker.