Afgelopen zaterdag liep ik, samen met mijn vrouw, de Stakenbergtrail, een trailrun van 10, 21 of 34 kilometer door de bossen en heiden rondom Elspeet, mooi op de Veluwe.
Mijn vrouw loopt langzamer dan ik, maar dit soort trails lopen we graag samen. Ik pas mijn tempo dan aan, maar dat is niet altijd gemakkelijk, vooral mentaal niet. Ik merk dan steeds dat ik toch harder wil en dat levert soms frustratie op. Meestal gaat het overigens gewoon goed samen, maar het kost me dan wel wat discipline, waar ik eigenlijk, zeker bij zo’n trail waar tijd er niet toe doet, gewoon lekker samen van het buiten zijn en de onbekende omgeving wil genieten. Daar had ik deze keer iets op bedacht: ‘s morgens, voordat we vertrokken, deed ik alvast wat tempoblokjes, zodat ik die prikkel alvast had gehad en hopelijk niet meer zou ervaren tijdens de trail.
De route van de Stakenberg-trail (21 kilometer)
Het voelde een beetje dubbel, want het was ook wel een beetje raar om al te gaan hardlopen voordat ik een trail zou gaan lopen, maar eigenlijk werkte het best goed. Ik had tijdens de trail daadwerkelijk veel minder behoefte om op mijn eigen tempo te lopen, bleef lekker bij mijn vrouw en kon daar ook meer plezier uithalen. Het voelde veel minder aan als wedstrijd — wat het, zonder tijdregistratie ook niet was — en veel meer als gewoon lekker samen actief buiten zijn. Dat haalt het dubbele gevoel over ervoor nog een kleine training overigens niet weg, maar ik probeer de vraag of het nou ‘goed’ was of niet maar om te buigen tot ‘leverde het wat op’ en het antwoord op die vraag is wat mij betreft ‘ja’.
Op ongeveer 12 kilometer. Foto door Trail Events.
De trail voerde overigens door de bossen, over de heide en was voor 99 procent onverhard. Voor 75 procent overigens ook zeiknat, want wat een gigantische hoeveel regen hebben we gehad! Het kwam dus goed uit dat we onszelf een klein weekendje Veluwe cadeau deden, want toen we doorweekt de finishbel luidden, konden we direct via de proviandtent (altijd goed geregeld bij trails) door naar de douche in ons hotel, dat zich direct aan de start/finish bevond.
Finishbel! (Geleerd van een vorige keer: er geen harde ram tegen geven; dat kan een flinke wond opleveren…)
We aten, sliepen en ontbeten ook in het hotel en hoewel het wat gedateerd was en het diner niet je-van-het, voelde het toch heel luxe en fijn zo. Zondagochtend plakten we er nog een schitterend wielerritje dat ik op Komoot vond (Uitzicht op de Veluwse zandverstuivingen) aan vast.
Een mooi rondje wielrennen op zondagochtend.
Het was werkelijk een schitterende route die over mooi slingerende fietspaden door de bossen rond Elspeet voerde en over de heide, waar we nu gelukkig niet geteisterd werden door hevige regenval. Sterker nog, het was zo’n 21 graden, er was zon en praktisch geen wind. Perfect fietsweer, kortom. Enig ‘minpuntje’: verwacht niet in deze regio ergens koffie te kunnen drinken op zondag(ochtend), want werkelijk alles is dan dicht. Dat hadden we, daar in de biblebelt, overigens van tevoren wel bedacht, dus toen er op vier kilometer voor het einde toch nog een terras open bleek, beschouwden we dat maar als een fijne meevaller en we bestelden snel koffie en taart.
Gisteren liep ik, na dik twee uur rijden naar Nijverdal, diep in het oosten des lands, de Sallandtrail — inderdaad, over de schitterende Sallandse Heuvelrug. De trail van 50 kilometer was ruim 51 kilometer, kende zo’n 700 hoogtemeters en het enige asfalt dat we gezien hebben, was de paar keer dat we een weg moesten oversteken. Lekker onverhard dus!
Aan de start van de Sallandtrail 2026
De trail voerde over bos- en zandpaden met dus flink wat grillige hoogtemeters. Het was een prachtig parcours, door heide en bos, maar het was ook een zwaar parcours. Ik merkte ook duidelijk dat ik zulke hoogtemeters, die vooral zwaar waren doordat ze dus vrij grillig waren — flink aantal echt steile klimmen en weinig gestage, maar veel steile afdalingen — niet gewend ben als randstedeling. Mijn benen en dan met name mijn bovenbenen kregen het dan ook flink te verduren. Dat was ook eigenlijk wel de bedoeling, want deze trail was vooral bedoeld als duurtraining voor De Zestig van Texel.
De schitterende trail-route langs onder andere Hellendoorn
Bij de start begon ik wel even aan mijn keuze te twijfelen om geen rugzak om te doen; ik was met zo’n twee anderen van de ongeveer 200 lopers op deze ultra-afstand duidelijk een uitzondering. De twijfel was echter snel weg. Ik had er immers goed over nagedacht: ik had banaan en gels mee in mijn shorts en er waren vier verzorgingsposten waar ik water kon drinken, dus een drinkrugzak was gewoon niet nodig. Daar komt bij dat ik zulke dingen, al heb ik een heel goede van Salomon, verschrikkelijk vind lopen en mijn vrouw de rugzak diezelfde ochtend gebruikte voor haar duurloop ter voorbereiding op de marathon van Rotterdam.
Na de start ging het lekker, al merkte ik duidelijk de opgebouwde vermoeidheid van de steeds langer wordende wekelijkse duurlopen — vorige week nog een 46 kilometer die er, vooral ook door griepherstel en het toen erg slechte weer, erg inhakte. Tot ongeveer 32 kilometer liep het redelijk soepel en kon ik, afhankelijk van het parcours uiteraard, mezelf inhouden niet te hard te gaan en lekker een duurlooptempo aan te houden. Na dit punt echter kwamen meerdere afstanden tegelijk, door verschillende starttijden die zo op elkaar waren afgestemd dat de afstanden ongeveer tegelijk zouden finishen, op het parcours en kwamen we met z’n allen op dezelfde single tracks terecht. Dat er op de kortere afstanden vooral langzamere lopers liepen is natuurlijk helemaal prima, maar het betekende ook weinig ruimte om in te halen en daarmee dat het lastiger werd je eigen tempo vast te houden op het moment dat je dat minder inspanning kost dan constant inhouden en inhalen.
Door de bossen rond Hellendoorn
Rond de 35 kilometer begonnen mijn bovenbenen echt protest aan te tekenen. Niet zo vreemd: ik ben de mulle ondergrond niet gewend en de hoogtemeters al helemaal niet. Een stukje verderop werden we getrakteerd op wat de lokale bevolking van Salland blijkbaar ‘De Kuil’ noemt, die ik vergelijkbaar vond, al wel wat korter gok ik, met het klimduin in Schoorl en dat zegt wel wat. We liepen ‘m tweemaal steil omhoog en naar beneden en dat met toch al flink verzuurde bovenbenen. Ik merkte overigens echt dat dat aan het zand en het klimmen lag; omhoog ging het vooral de laatste tien kilometer, met nog wat verraderlijke klimmetjes, moeizaam, maar op de vlakke stukken en in de afdalingen kon zonder veel moeite tot aan het einde prima tempo houden. Dat gaf vertrouwen. Uiteindelijk werd ik, zag ik ‘s avonds thuis op de bank pas, negende van de ongeveer 200 lopers op deze afstand. Daar ging het natuurlijk niet om, maar toch leuk.
Al voor de start sprak ik wat andere lopers, die een aardige mix van locals en mensen vanuit het hele land bleken. Tijdens de trail liep ik een stuk op met iemand die precies hetzelfde plan als ik bleek te hebben: deze trail gebruiken als voorbereiding op De Zestig van Texel. Het was leuk en nuttig om onderweg trainingservaringen uit te wisselen. Ik vroeg hem naar zijn laatste weken, want ik twijfelde over volgende week. In principe heb ik dat weekend nog een laatste lange duurloop van 52 kilometer gepland staan, maar ik merkte, ook toen ik na afloop nog wat andere ultralopers sprak, dat ik, week in week uit, wel heel veel echt lange duurlopen deed en ik merkte vandaag wederom dat de vermoeidheid zich daardoor flink opstapelt. Bij gebrek aan echt goede literatuur over ultra’s (en dan bedoel ik niet de Amerikaanse literatuur, want die gaat vaak over afstanden van 100 kilometer en langer en vooral over je voorbereiden bergachtige gebieden) heb ik deze voorbereiding, gok ik, waarschijnlijk wat te veel als ‘marathon-plus’ benaderd. Daarom overweeg ik volgende week een zogenaamde back-to-back te doen; niet één duurloop van 52 kilometer, maar twee dagen achter elkaar een duurloop van 25 à 26 kilometer. Dat overwoog ik al eerder, maar ik denk dat het nu verstandig is het schema wat aan te passen. Dat is voor mij sowieso een goede oefening: het schema geen keurslijf laten zijn.
Uiteindelijk was deze ultratrail een goede, zware duurloop. Het weer zat mee, ik heb het zwaar gehad, maar ook genoten van de mensen die er waren, de prachtige omgeving en de organisatie. Het was daarmee een goede training voor Texel, denk ik en daarbij ook een les voor mezelf: wáár je een lange duurloop loopt — op een natte, gure baan of door een prachtig gebied — maakt veel uit. Dat had waarschijnlijk iedereen me wel kunnen vertellen, maar soms moet je zelf iets ervaren.
Afgelopen zaterdagochtend was ik in Hilversum op het Mediapark voor een radio-interview bij de Taalstaat. Dat was ontzettend leuk en het viel, toen ik er eenmaal was en heel fijn werd ontvangen, alles mee. Van tevoren echter had ik weer flink last van de zenuwen. Weet ik wel genoeg, moet ik niet dit en dat nog even checken? Voor sommigen zal dat herkenbaar zijn en ik probeer maar te accepteren dat dit er bij mij een beetje bij hoort — het is niet de eerste keer.
Bij de Taalstaat
Zoals gezegd was het een mooi ervaring, daar in de NPO- en NOS-studio’s, niet in de laatste plaats door de gesprekje voor en na ‘het optreden’ met Ronald Giphart en een aantal andere gasten. Nu was het een flink stuk rijden voor uiteindelijk zes minuten radio en dat was het waard, maar ik had voor dezelfde dag, in voorbereiding op De Zestig van Texel, nog een duurloop van 36 kilometer staan. En als ik dan toch in een ander, mooi en bosrijk gebied ben… waarom dan niet lekker daar in plaats van het geijkte ‘rondje’ thuis?
Op vrijdagavond zocht ik in allerijl online naar een mooie trail, ik downloadde het GPX-bestand van wat blijkbaar de Burgers, Bier & Bikkels-trail heet, uitgezet door Runners United. Geen burgers of bier voor mij, dus ik liet de route starten en eindigen bij het vast minder stoere, maar wel lekker knusse Theehuis ‘t Hooge Erf in Lage Vuursche.
Trail rondom Lage Vuursche
Het was me de trail wel… ik gok dat ‘ie vooral ‘s zomers wordt gelopen, want zeker de eerste tien kilometers bestonden voor een groot deel uit nauwelijks begaanbare, want dichtbegroeide single tracks. Niet handig, wel leuk en avontuurlijk. Verder heb ik 36 kilometer lang geen straatsteen of asfalt gezien, maar onverharde paden, zand, mooie bossen, meren en heide. Het was nog wel een pittige trail, vond ik, met flink wat zand, modder en voor Nederlandse begrippen ook wel wat hoogtemeters. Een prima training voor Texel, kortom, en een mooie traktatie na een eveneens mooie, maar stressvolle ochtend!
Schitterende bossen in Lage Vuursche e.o.
Na afloop dronk ik nog even wat in het genoemde theehuis en ik raakte lang in gesprek met een wat ouder echtpaar uit Driebergen dat lekker gewandeld had. We deelden wat ervaringen en hadden gewoon een mooie, willekeurige ontmoeting. Op zulke momenten kan ik daar inmiddels weer van genieten en dat voelt goed.
Afgelopen zaterdag liepen we de Kempenlandtrail, die startte in Eersel, vlak bij de Belgische Grens. Het was beestenweer: harde wind, al had je daar in de mooie bossen weinig last van, maar vooral regen, heel veel regen. Daardoor was er ook heel veel modder; niet handig om dan alleen wegschoenen mee te hebben. Die schoenen zijn op een natte weg ook al aan de gladde kant, dus dit was voor mij echt glibberen geblazen. Mijn trailschoenen waren nu echt versleten, dus het was niet anders. Niet erg — je loopt deze trails niet voor een tijd, maar gewoon lekker als onverharde duurloop. Er is dan ook geen wedstrijdelement of tijdsregistratie en dat is voor mij soms ook weleens goed.
Kempenlandtrail 2025
We liepen samen de trail van 18 kilometer (die wel bijna een kilometer te lang was, maar je kunt dat natuurlijk ook zien als gratis meters) en, zoals eigenlijk altijd bij Trail Events, alles was leuk en goed georganiseerd. Ik vind de organisatie wel vrij duur, maar je weet van tevoren dat je een mooie, bijzondere route voorgeschoteld krijgt. Ik maak eigenlijk nooit gebruik van de verzorgingsposten, maar als je onderweg graag drinkt, groente, snoep of iets hartigs eet, dan zit je bij de organisatie ook goed.
De trail was goed uitgezet en gemarkeerd en, hoewel best duur, ook wel erg fijn georganiseerd en gezellig. Zo’n trail loop je ook niet voor de snelheid, maar gewoon om eens lekker onverhard over bospaden en single tracks en in een andere omgeving te lopen — samen deze keer en dat was heerlijk!
Er waren overigens drie routes — rood, groen en blauw — van alle drie ongeveer tien kilometer en je kon zelf kiezen welke je liep en, als je er meerdere deed, in welke volgorde.
Tijdens de Zevenheuvelentrail rond Nijmegen werden dit jaar de NK’s korte en lange trail gehouden (28 en 60 kilometer). Ik deed mee met de korte trail en al was ik de vorige keer dat ik liep vijfde; ik had niet de illusie dit jaar hoog te eindigen, want trailen is inmiddels een stuk populairder en een NK trekt een hoop snelle lopers aan. Gezien mijn herstel was het ook vooral de bedoeling een mooie trail te lopen en die tevens te zien als goede (kracht)training voor de Berenloop in november. Ik werd uiteindelijk 24e en dat maakt me niet zo veel uit. Ik was wel anderhalve minuut langzamer dan twee jaar geleden en dat vind ik lastiger. Al kun je trails eigenlijk nooit vergelijken, zelfs niet hetzelfde parcours in verschillende jaren, ik ga het toch projecteren op mijn eigen kunnen, al weet ik ook wel dat dat weinig zin heeft.
Zevenheuvelentrail 28K
De wedstrijd viel me best zwaar; heel veel hoogtemeters, paar keer verkeerd gelopen door lastige punten in de route en erg warm — zeker een graad of 25. Klimmen ging redelijk goed, naar beneden mis ik techniek. Ik liep al vrij snel blaren op mijn beide grote tenen — bizar, want dat heb ik eigenlijk nooit — en dat werd steeds vervelender, vooral bij het dalen. Ik houd van Vibram-schoenen, heerlijk weinig schoen aan je voet, maar aan die trailversie, die ik al jaren heb, kan ik maar niet wennen. Ze blijven hard en stug.
Echt een fout was geen gelletjes mee te nemen en, wellicht erger, nergens wat te drinken. Misschien maakte ik deze ‘beginnersfout’ doordat ik de trail als duurloop wilde doen, want dan eet of drink ik eigenlijk nooit, maar een trail is nu eenmaal veel zwaarder dan twee uur op asfalt lopen — al is dit wel veel leuker, natuurlijk. Ik had al vanaf 14km gerommel in mijn buik. Her voornemen om geen gelletjes en poedertjes meer te nemen of daar in ieder geval niet meer zo op te focussen, vind ik nog steeds goed, maar nu was het eigenlijk gewoon nodig.
Verder heb ik delen echt genoten van het lopen en dat is winst. Ik liep de tweede helft steeds voor de tweede dame en het was leuk steeds te roepen en wijzen bij soms laat zichtbare pijlen. Het gevoel iets met een ander te doen, al ken je elkaar niet, maakt een trail nog leuker. Sowieso kwam ik (oud)clubgenoten tegen bij de start en het was erg fijn ze, ook na afloop, weer te spreken.
Wederom was het mentaal een zware week; veel somberheid en weinig zin in, nou ja, eigenlijk zo’n beetje alles. Het dieptepunt lag weer op de donderdag, de dag van de groepstraining, maar het dal leek minder diep dan vorige week.
Op maandag deed ik een dubbele training (herstelloop+heuveltraining) op de loopband.
Herstel+heuvels op de loopband
Op dinsdag deed ik thuis de tempotraining, bestaande uit 5×10 minuten op MT. Ik moest vroeg college geven en kon ook enigszins op tijd naar huis. Daardoor kon ik de training nog in de ondergaande zon doen, al merkte ik doorheen de hele week dat de loopband lonkte. Waarom? Ik weet het niet, maar ik denk dat het te maken heeft met precieze tempo’s kunnen lopen (tempo instellen en rücksichtslos de band volgen) en ook met het ontwijken van andere mensen. Ik heb daar, zeker na een werkdag, geen zin meer in. Dinsdag scheen echter het zonnetje en ik vind de bovenstaande neiging niet goed, dus toch naar buiten gegaan. Dat voelde de eerste tien minuten niet fijn, maar toen ik het uitgezette rondje eenmaal een keer had gedaan, ging het steeds makkelijker en fijner. De tempo’s gingen goed en het zonnetje laadde me op.
Woensdagochtend voor mijn colleges deed ik een VO2Max-training op de Wahoo (met, het kan nooit kwaad, een flinke bak UV-licht om de stemming wat op te vijzelen) en donderdag volgde de avondtraining bij RA op de baan — 9x1000m in rondjes 86’. Dat was het plan, maar het ging wat beter dan gedacht, dus de rondjes gingen vaker naar de 83’-84’, maar dat is marge, vind ik. Het voelde beter dan verwacht, maar die tegenzin van tevoren is wel heel erg vervelend.
Wahoo, koffie en UV-licht…
Vrijdag een herstelloopje van 12km dat te zwaar voelde en zaterdag een core-workout, maar niet hardlopen. Lekker een dag met Eva en een wandeling met mijn zus. Ik voelde me moe, dus de workout in de ochtend was wellicht niet zo’n goed idee. Niet lopen was dat wel, want op zondag stond een lange trail op het programma.
Het plan voor zondag, dat al maanden geleden met mede RA-leden was gesmeed, was een trail van 43km. Mijn trainer vond dat, gezien mijn mentale staat, geen goed idee, maar 35 ‘mocht’ wel. De eerste 15 tot 20 kilometer had ik helemaal geen zin, ondanks leuk gezelschap van Marco en Ton en een schitterende route. Daarna ging het steeds gemakkelijker en kreeg ik er ook meer plezier in.
Mooie trail rond de bossen van Oosterhout
Vanaf 26-27km ging het praktisch vanzelf. Raar, niet? Ik appte dat ook aan mijn trainer en zij reageerde met ‘Zin die kwam is niet gek. Als je in je ritme en ontspanning komt + focus ( niet denken maar doen) wordt het leuk.’ Ik denk dat daar heel veel waarheid in zit; ik leef veel in mijn hoofd en gevoel laten spreken blijft lastig. De laatste drie kilometer waren overigens wat zwaarder, maar gingen ook in een hoger tempo; nog even lekker een stukje harder. Dat voelde dan wel weer goed, maar laatste km vrij zwaar.
Na afloop hebben we lekker koffie gedronken bij pannenkoekenhuis De Hannebroeck en natuurlijk met z’n drieën lekker een pannenkoek gegeten. Erg lekker en, vanaf dus een kilometer of 15 en achteraf, een heel mooie dag en de afsluiting van een week met flinke omvang.
Heerlijke pannenkoeken!
Nu de rest van de dag rustig aan doen en herstellen.
De achtste week in het marathonschema voor Rotterdam 2023
Vandaag hebben Eva en ik een heerlijke trail gelopen. De Alphensebergentrail in de variant van 15 kilometer was prachtig en lekker onverhard, op een stukje door een vakantiepark na. Er waren een paar stukjes zand, maar zeker niet veel en wat klimmetjes, maar ook die vielen erg mee.
De Alphensebergentrail
De trail was vooral erg mooi en rustig — we liepen ‘m op een GPX-bestand, want de georganiseerde trail is pas in november en het is eigenlijk ook wel heel lekker om gewoon samen te lopen, dus zonder enige drukte.
Uiteindelijk bleek de route, als de GPS klopte, geen 15, maar 14 kilometer, maar dat was als herstelloop helemaal prima. Aan het einde, voordat we heerlijk lunchten bij De Kloostertuin in Alphen (Chaam), heb ik nog vijf strides (100 metertjes) gedaan om even snelheid te voelen. Heerlijke dag zo!
Op zaterdag 4 februari liep ik in de omgeving van Apeldoorn de Trailmarathon door Kroondomein Het Loo. Ik liep hem eerder in 2020, maar de jaren erna ging de marathon niet door vanwege corona.
Startnummer opspelden en, na de koffie natuurlijk, gaan.
Deze trail over de volle marathonafstand valt qua training voor Rotterdam ’23 nooit helemaal lekker in de planning, maar het is zo’n mooie route door een gebied dat het grootste deel van het jaar afgesloten is, dat ik ‘m toch graag weer wilde lopen. Natuurlijk was het plan de marathon als duurloop en dus training te zien en natuurlijk liep het net iets anders.
Toch maar water meegenomen — slechts halfvolle flesjes, maar er was maar een drankpost en dat is voor zo’n lange trainingsloop te weinig als je snel wilt herstellen
De voorbereiding was zeker niet perfect, maar ja, het moest ook een training worden. Ik had donderdag en vrijdag twee heel drukke werkdagen — leuk, een heidag en een conferentie, maar de hele dag en een deel van de avond staan, praten, lezing geven et cetera is niet echt ontspannen. Het plan was weg te gaan op 4:20 en kijken wat de trail qua zand, blubber en hoogtemeters zou brengen. Ik ging wat te hard weg met de nr. 1, maar ik heb zonder veel moeite en best ontspannen kunnen lopen. De nr. 1 was een triatleet die zichtbaar meer kracht had bij het klimmen, dus het was niet erg hem uiteindelijk te laten lopen. Dan toch gemakkelijk 2e worden in 2:59:01 voelt goed, zeker als je erbij optelt dat ik twee keer verkeerd gestuurd werd. Een van de twee voorste fietsers van de organisatie reed voor me, maar bleek de route niet te hebben. Op dat moment baalde ik, zeker omdat ik tweede lag, flink, maar na afloop was het gewoon zoals het was. Het was heel mooi weer, dus ik heb er vooral van genoten.
De route was anders dan een paar jaar geleden, maar even schitterend. Heerlijk, alles onverhard en er zelfs een februarizonnetje bij!
Op een kilometer of 32 had ik mentaal een dip, gewoon geen zin meer, maar dat heb ik tijdens de marathon wel vaker gehad en daar kom je vanzelf weer uit. Het duurde vandaag tot een kilometer of 35 en toen had ik er weer zin in. Ik heb het tempo in die kilometers gewoon constant kunnen houden, dus dat was prima. Ik liep overigens op Vibram V-Trails en dat ging goed, maar het maakte het natuurlijk ook wel wat zwaarder, omdat je geen drop, bounce of demping hebt en de scherpe takken en stenen duidelijk voelbaar zijn. Ik heb zelfs een paar kilometer een takje tussen mijn tenen gehad, maar dat verloor ik gelukkig ook weer.
De laatste kilometers heb ik nog wat versneld, maar niet te gek gedaan. Tijdens zo’n trail is er eigenlijk geen publiek, dus dat is mentaal zeker minder dan bijvoorbeeld Rotterdam, maar al met al een geslaagde dag. Zoals gezegd werd ik tweede en dat was helemaal geen doel, maar wel erg leuk natuurlijk. Op 39km riep een wandelaar nog sub-3:00 en dat was zeker ook geen doel, want eigenlijk te hard voor een duurloop, maar ja, toch maar voor gegaan — het was nog maar een klein stukje en ik hoefde er weinig meer voor te doen op dat moment.
Samen met Arnoud Runia, de nr. 1
Het voelde als een goede, lange en onverharde duurloop met flink wat hoogtemeters en zand. Goede training voor Rotterdam! Veel dank aan de organisatie en het net overgenomen restaurant aan het Uddelermeer voor de goede sfeer, omkleedgelegenheid, koffie en soep!
Op 2 januari 2023 liepen Eva en ik een mooie trail in het Mastbos in Breda. Het was echt een heerlijke loop – lekker rustig aan gedaan, het was goed weer en we hebben fijn samengelopen. Goede herstelloop zo en gewoon heel fijn om samen te doen – zeker op mijn 38e verjaardag!
Mooi weer, maar door eerdere regenval waren er wel wat ‘zompige’ stukken
De route was schitterend en alles door het bos en onverhard.
Een mooie route door het Mastbos in Breda (ongeveer 15 kilometer)
Na afloop hebben we lekker cappuccino gedronken en een heerlijke pannenkoek gegeten in De Boschwachter.
Een heerlijke pannenkoek
Het was een heel fijne verjaardag en ik hoop er nog veel meer op deze manier te mogen vieren.