Tijdens de Zevenheuvelentrail rond Nijmegen werden dit jaar de NK’s korte en lange trail gehouden (28 en 60 kilometer). Ik deed mee met de korte trail en al was ik de vorige keer dat ik liep vijfde; ik had niet de illusie dit jaar hoog te eindigen, want trailen is inmiddels een stuk populairder en een NK trekt een hoop snelle lopers aan. Gezien mijn herstel was het ook vooral de bedoeling een mooie trail te lopen en die tevens te zien als goede (kracht)training voor de Berenloop in november. Ik werd uiteindelijk 24e en dat maakt me niet zo veel uit. Ik was wel anderhalve minuut langzamer dan twee jaar geleden en dat vind ik lastiger. Al kun je trails eigenlijk nooit vergelijken, zelfs niet hetzelfde parcours in verschillende jaren, ik ga het toch projecteren op mijn eigen kunnen, al weet ik ook wel dat dat weinig zin heeft.
Zevenheuvelentrail 28K
De wedstrijd viel me best zwaar; heel veel hoogtemeters, paar keer verkeerd gelopen door lastige punten in de route en erg warm — zeker een graad of 25. Klimmen ging redelijk goed, naar beneden mis ik techniek. Ik liep al vrij snel blaren op mijn beide grote tenen — bizar, want dat heb ik eigenlijk nooit — en dat werd steeds vervelender, vooral bij het dalen. Ik houd van Vibram-schoenen, heerlijk weinig schoen aan je voet, maar aan die trailversie, die ik al jaren heb, kan ik maar niet wennen. Ze blijven hard en stug.
Echt een fout was geen gelletjes mee te nemen en, wellicht erger, nergens wat te drinken. Misschien maakte ik deze ‘beginnersfout’ doordat ik de trail als duurloop wilde doen, want dan eet of drink ik eigenlijk nooit, maar een trail is nu eenmaal veel zwaarder dan twee uur op asfalt lopen — al is dit wel veel leuker, natuurlijk. Ik had al vanaf 14km gerommel in mijn buik. Her voornemen om geen gelletjes en poedertjes meer te nemen of daar in ieder geval niet meer zo op te focussen, vind ik nog steeds goed, maar nu was het eigenlijk gewoon nodig.
Verder heb ik delen echt genoten van het lopen en dat is winst. Ik liep de tweede helft steeds voor de tweede dame en het was leuk steeds te roepen en wijzen bij soms laat zichtbare pijlen. Het gevoel iets met een ander te doen, al ken je elkaar niet, maakt een trail nog leuker. Sowieso kwam ik (oud)clubgenoten tegen bij de start en het was erg fijn ze, ook na afloop, weer te spreken.
Mijn oude vertrouwde loopband begon steeds meer te piepen en te kraken. Hij voelde ook instabiel, dus het was tijd voor een inspectie. Wat bleek? De bodemplaat, waarover de band zelf draait, was gescheurd.
De oude bodemplaat
Dat is natuurlijk niet best. Achteraf is de meest logische verklaring dat het gehele apparaat op rubbertegels stond, waardoor het tijdens gebruik veel bewoog. Het apparaat zelf is van metaal en de plaat is van hout, dus ja, hout geeft meer mee en moest alle frictie opvangen. Gelukkig is een van mijn vrienden flight case-bouwer en hij heeft een nieuwe plaat voor me gezaagd en geboord. Hij raadde zogenaamd betonplex aan, vanwege de stevigheid, maar ook vanwege de zeer gladde afwerking. Dat is natuurlijk wel nodig bij dit specifieke gebruik.
De nieuwe bodemplaat
Lang verhaal kort: ik heb de plaat gemonteerd, alles opnieuw afgesteld en inmiddels ook gekalibreerd en de loopband, die nu op een hardere ondergrond staat om herhaling te voorkomen, ‘loopt’ weer als een zonnetje! Overigens heb ik ook gelijk een scheurtje in de band gerepareerd (met Shoe Goo), want de band heeft het door die scheur aardig te verduren gehad.
Gerepareerde band
Al met al kostte het wat werk, maar niet heel veel geld en kan ik weer lekker gebruikmaken van de loopband. Met de babyfoon ernaast is dat toch soms wel een uitkomst!
I you take running on a treadmill (somewhat too) seriously, you might want to know its real speed, because, as you might know, the speed you enter is seldomly correct… Unfortunately, most of the times you’re actually running slower. So, I’ve made yet another online calculator, including instruction, with which you can determine the actual speed of your treadmill, or the one at the gym, for that matter.
De tweede lezing in de nieuwe najaarsreeks van Letter en Geest: Neerlandistiek in Leiden wordt gegeven door dr. Alex Reuneker. De titel van zijn lezing luidt: ‘Die vermaledijde dt: werkwoordspelling geüpdatet’.
Letter en Geest: Neerlandistiek in Leiden
We instaën en gamen er flink op los. Je updatet een tekst nadat je een passage deletete en na al dat werk wordt er in het weekend gepartyd. Engelse woorden hebben ons dagelijks taalgebruik flink verandert. Of is het toch veranderd? Waarom blijven, ook bij Nederlandse werkwoorden, die beruchte d’s en t’s toch zo’n bron van ellende? Er doen veel mythes de ronde: een normale spelfout wordt vaak hoogstens als slordigheid aangemerkt, maar een dt-fout zou al snel een gebrek aan inzicht of zelfs intelligentie verraden.
In deze Letter en Geest-lezing laat neerlandicus en taalkundige Alex Reuneker samen met zijn student-assistent Mette Rebel verschillende mogelijke oorzaken van dt-fouten de revue passeren. Is er bijvoorbeeld een relatie met opleidingsniveau? Lokt ‘Wordt je broer piloot?’ meer of juist minder fouten uit dan ‘Word je piloot?’ Maken middelbareschoolleerlingen nu echt zo veel fouten bij de gebiedende wijs (‘Word lid!’)? En hoe zit het nu eigenlijk met al die werkwoorden die we uit het Engels lenen? Voor wie zelf ook weleens twijfelt, frissen we de regels op een speelse manier nog even op.
Alex Reuneker is als universitair docent verbonden aan het Leiden University Centre for Linguistics en hij geeft daar colleges over argumentatie, taalkunde en statistiek. Met behulp van digitale methoden onderzoekt hij argumentatie met voorwaardelijke constructies (‘als-dan-zinnen’). Hij publiceert over het Nederlands in pop- en hiphopteksten en daarnaast onderzoekt hij met behulp van de website Gespeld.nl welke factoren een rol spelen in het maken van fouten in de werkwoordspelling. Mette Rebel is masterstudent Nederlandse Taal en Cultuur aan de Universiteit Leiden en onderzocht als student-assistent werkwoordspelling bij middelbareschoolleerlingen.
Tijdens de Zomerschool voor internationele onderzoekers uit de neerlandistiek verzorgden Vivien Waszink en ik de workshop ‘ Van kinderlied tot flexe beat: analyse van lexicale diversiteit en keywords in Nederlandstalige popmuziek’. We vertelden daarin over onze onderzoeken naar de taal van Nederlandse pop en hiphop (zie https://www.reuneker.nl), waarbij we focusten op de gebruikte technieken: het meten van lexicale diversiteit (woordenschat) en het extraheren van trefwoorden (keyword analysis).
Zo’n vijftien internationale neerlandici deden mee en analyseerden met behulp van de tools op https://www.reuneker.nl/#corpus hun eigen pop- of hiphopfavoriet, waarbij we van alles voorbij zagen komen, van Wim Sonnneveld tot S10.
Het septembernummer van Fiets Magazine ligt deze week in de winkel en naast nog heel veel andere mooie stukken staat het verslag van mijn fietsreis naar Turijn erin.
De fiets van Evgenii in Fiets Magazine 9, 2024
Ik ben best een beetje trots op het verhaal en ik hoop dat het verhaal anderen inspireert de fiets te pakken en mooie reizen te maken. Dat effect sorteren andere reisverhalen in het magazine altijd op mij, dus ik ben de redactie van Fiets heel dankbaar dat ik ook een steentje kan bijdragen aan het fietsplezier van anderen, doordat ze mijn reisverslag geplaatst en zo mooi opgemaakt hebben!
Het is misschien wel de beruchtste lettercombinatie van het Nederlands: dt. Alleen al die twee letters roepen bij iedereen direct het idee van werkwoordspelling en daarmee bij velen stress en onzekerheid op. Schrijf je in deze zin nou word of wordt? Is werdt echt altijd fout en waarom schrijven sommige Vlaamse auteurs, en niet de minsten, het dan toch? Zo schrijft Griet Op De Beeck in haar romans gij vondt, gij riept en gij werdt en dat is niet fout, zegt ze zelf. Ook hier op Neerlandistiek is er een en ander over gezegd. Over werkwoordspelling weten we al een en ander en door een aantal neerlandici wordt volhardend onderzoek gedaan naar wat door Van der Veldes proefschrift uit 1956 ook wel de ‘De tragedie der werkwoordsvormen’ is gaan heten, maar het is komkommertijd en dat betekent dat ook onderzoekers eens een zijpaadje mogen inslaan. Dit is een van die zijpaadjes en ik kwam het tegen tijdens een rondje op de racefiets in de buurt.
Maandag ging hier in Schiedam, na de neutralisatie in Rotterdam, de Tour de France Femmes 2024 van start. Het was Caspers eerste tourstart en dat hier praktisch een straat achter — heerlijk!
De officiële tourstart in Schiedam
Een dag ervoor vond de toerversie van de tour plaats en die reed ik met wat anderen van Rotterdam Atletiek. We reden de 150 kilometer, maar daar kwam, afgezien van 20 kilometer van en naar de start, nog 7 kilometer tijdrit bij.
Toerversie van de Tour de France Femmes 2024
Het was een zonovergoten, warme dag en de route was mooi, al was het wel duidelijk dat de organisatie niet uit deze streek komt — net te veel gekke wendingen en onnodige bochten door plaatsjes die niet berekend zijn op een flink peloton. Verder was de tocht goed georganiseerd en de drie stops, met croissants voor het Franse gevoel, waren goed gepland op zo’n 42, 90 en 125km.
Frans eten bij de verzorgingsposten
Qua fietsen ging het best goed. Het groepswerk was rommelig, maar dat kwam denk ik ook door de vele gelegenheidsgroepjes en soms onervaren fietsers. Qua groepsformatie schaar ik mezelf daar overigens ook maar onder, want ik fiets meestal alleen en iemands wiel pakken en seinen zijn toch gewoon vaardigheden die je kunt oefenen.
Zou ik ‘m nog eens doen? Op zich wel, al vond ik de tocht vrij prijzig. Dat gevoel komt waarschijnlijk ook doordat ik uit deze regio kom en 95 procent van de route al kende. Daar kan de organisatie natuurlijk niets aan doen en met veel anderen fietsen maakt het wel een extra leuke dag.
De Kadeloop in Schipluiden stond dit jaar in het teken van wind. Ik had lang geen wedstrijd gelopen en had losjes een tijd in mijn hoofd. Het ging ondanks de wind — deze eerste zomerstorm was echt bizar hard, zeker zo in de open polder en langs het water! — eigenlijk erg ontspannen.
Kadeloop Schipluiden 2024
Het voelde ongedwongen, heb niet te hard geprobeerd, maar gewoon lekker gelopen. Ik was met 12 kilometer in 45:45 9e in de uitslagen, dus nog net top 10. Geen bijzondere tijd, maar prima zo en gewoon genoten van wat mijn laatste wedstrijd bij RA was.
Na de finish
Ik neem afscheid van een heel mooie en competitieve groep waarin ik me enorm thuisgevoeld heb, maar ik ga het nu een tijdje zonder druk van trainingen doen — het is op dit moment beter voor mij. Des te mooier was het dus om deze laatste wedstrijd in clubkleuren met trainer Carla te doen!
Good news! I have added two new reference corpora to the online keyword analysis tool (https://www.reuneker.nl/files/keyword): one filled with Dutch pop lyrics, and one with Dutch rap/hiphop lyrics. For linguists (and others interested) who want to research Dutch lyrics, this might come in handy.
For more information on these reference corpora, see Waszink, Reuneker & Van der Wouden (2018). Als ik praat, dan praat ik money: de hiphopste woorden.Neerlandistiek, July 28 2018.