Zoals beloofd, deel ik hier ook de route als GPX-bestand. In de vorige posts heb je kunnen lezen hoe de Eendaagse van Nijmegen verliep. Het was een mooie tocht en op een paar vervelende kilometers gravel en grind na bleek de route die ik op basis van de wandelroutes had uitgezet eigenlijk zonder problemen te fietsen.
De route van de Nijmeegse Eendaagse
De GPX-bestanden met én zonder het gravelpad om Zandwinning de Banen download je hieronder.
Zoals je in de post over de Dag van Groesbeek kunt lezen, is het stuk gravel/grind van zo’n vijf kilometer met een gravelbike prima te doen en met een normale fiets waarschijnlijk ook wel, maar op een volbloed racefiets vond ik het niet fijn.
Hoewel het middaguur net geslagen heeft, heb ik er al twee dagen opzitten. Hoe vaak kun je dat zeggen? De pannenkoek heeft de nodige energie opgeleverd, de koffie gaf de benodigde kick om weer te vertrekken en ik heb zin in deze nieuwe dag. Het is heerlijk direct de mooie Zevenheuvelweg op te fietsen.
Het laat een diepe indruk achter: een rustig, vredig monument met ruim 2.600 grafzerken van overleden Canadese militairen die niet in het gebied van de verslagen vijand mochten worden begraven.
De meeste geallieerde landen besloten dat hun soldaten moesten worden begraven in het land waar ze hun leven gaven. Generaal Crerar, commandant van de Canadese landmacht in Europa, gaf echter het bevel dat geen enkele soldaat van de landmacht mocht worden begraven in Duitsland, de verslagen vijand tijdens de oorlog. Op een enkele uitzondering na (één soldaat van de Canadese landmacht begraven op het Reichswald Forest War Cemetery) zijn de Canadese soldaten die omkwamen in het Duitse Rijnland daarom begraven in Groesbeek, op Nederlands grondgebied. (bron: Wikipedia)
Hoe indrukwekkend ook, ik stap weer op de fiets en vervolg de weg naar Groesbeek, door het Groesbeekse bos naar Grafwegen, waar ik een stukje Duitsland meepak.
Even een stukje Duitsland
Daarna volgt de enige echte tegenvaller van de route; een gravelpad om Zandwinning de Banen. Voor wandelaars is dat uiteraard prima en rijd je op een gravelbike, dan zal zo’n vijf kilometer kuilen, zand en scherpe stenen geen probleem vormen, maar ik rijd hier op harde 25 millimeterbandjes (waarom pomp ik daar toch altijd wéér acht bar in?!) en ben blij als ik ter hoogte van het Limburgse Ven-Zelderheide, tegen de Duitse grens, weer een normale weg oprijd. Dat was net even te lang tandenknarsend hopen op het uitblijven van een lekke band. Over de Neutraleweg en de Sint Jansberg — Col du St. Jean met wel 3900 hoogtecentimeters!– rijd ik via Ottersum en Milsbeek naar Mook.
Met Malden aan de linkerhand en Heumensoord aan de rechter keert de route, net voor Nijmegen weer aan te tikken, om. Tijd voor de laatste etappe en een laatste koffiestop!
In de richting van Wijchen — uitgesproken als ‘Wiechen’, laat ik me corrigeren — waar het Museum Kasteel er rustig, maar niet verlaten bijstaat. Daar stap ik wél even af, want ik heb, sinds ik vroeger De Zevensprong van Tonke Dragt las, een zwak voor kastelen en burchten. Te lang lummelen kan niet vandaag, maar een korte stop op zo’n zeventig kilometer om de burcht, die in de zeventiende eeuw door Emilia van Oranje Nassau werd gebouwd op de restanten van een ruïne, moet kunnen. Het is een prachtig kasteel; goed onderhouden, met een mooie ophaalbrug en kasteeltuin.
Bij Kasteel Wijchen
Na Wijchen volgt een mooi pad dat eventjes langs de Maas slingert en dan door Alverna voert — een kerkdorp vernoemd naar het aldaar gestichte klooster, dat weer vernoemd is naar La Verna, een berg in Toscane waar zich een wonder zou hebben voltrokken. Via het Goffertpark en het stadion van N.E.C. volgt het weer wat stadsere Nijmegen Zuid, maar dat verruil ik al snel voor de Kwakkenberg.
Goffertstadion
Bordjes kondigen Berg en Dal aan en dat betekent niet alleen dat de klimmetjes op de Zevenheuvelenweg eraan komen, maar ook dat de middagstop zich aandient: pannenkoek bij De Ontdekking, een niet onbekende wielerstop met speciale wieleraanbieding en sponsorshirts aan de muur.
Ik twijfel, want mijn favoriet, een pannenkoek met boerenjongens — lees: rum en rozijnen — prijkt op de uitgebreide kaart, maar dat is me eerder al eens slecht bevallen; de rum liep in de benen en met vandaag nog zo’n honderd kilometer te gaan, speel ik op safe: het wordt appel en rozijn, zeker ook niet mis.
Een pannenkoek doet, net over de helft van de tocht, goed
Het is woensdag, maar de eerste ochtendetappe is de zogenoemde Blauwe Dinsdag — de Dag van Elst. Het is nog vroeg, fris, maar niet té, dus het windjack kan lekker in de auto op het nog lege parkeerterrein van de Wedren, hartje Nijmegen, blijven. Zo is er meer ruimte in de zakken voor bananen en andere proviand. Op het genoemde parkeerterrein kun je de auto tegen een maximaal dagtarief van 15 euro laten staan en dichter bij de start kun je niet komen.
Het Vierdaagsebeeld op de Wedren.
Ik bekijk het Vierdaagsebeeld, klik in, rijd richting de iconische Waalbrug en steek al vroeg op de route de rivier over. De route voert direct de Overbetuwe in, wat betekent dat ik de stad snel achter me laat en getrakteerd wordt op koeien langs de weg, vergezichten over de Waal en, wat later, ontelbare perengaarden en fruitkraampjes.
Door de Overbetuwe langs de Waal
Na Klein Rome passeer ik Bemmel en hoewel Rome niet in één dag gebouwd is, rijd ik de gehele vierdaagse wel in één dag, dus ik zet snel koers in de richting van Huissen — dat alleen in de vijftigkilometerroute voorkomt — en Arnhem.
Een voordeel van een route van vier lussen is dat de wind, die gelukkig meevalt vandaag, nooit heel lang tegenzit — wel lekker hier in de polder. Inmiddels rijd ik weer zuidwaarts, dwars door Elst, waarna ik, met enige spijt, een pannenkoekenrestaurant voorbijschiet. De pannenkoek komt later en daarbij is het nog te vroeg — niets is nog open op deze zonnige woensdagochtend in de late nazomer. Leve de Snelle Jelles in de achterzakken. Wanneer ik via OosterhoutNijmegen Noord inrijd, rijd ik over de spoorbrug en zet ik de Waalbrug, die je vanaf dit punt mooi kunt zien, op de foto.
De Waal, Waalbrug en de natuurlijk de tweewieler
Met inmiddels de eerste etappe en zo’n vijftig kilometer in de benen is het tijd voor koffie. Een groot hotel is al open en hoewel het weinig pittoresk oogt, pal naast een station en een doorgaande weg, laat ik me koffie en de nodige koolhydraten, met nog zo’n 150 kilometer te gaan, niet ontzeggen.
NB Ik maakte nog een klein uitstapje naar Fort Beneden Lent, zo’n kilometer van de route af. Die locatie heb ik inmiddels uit de route gehaald, want er is werkelijk niets te zien, behalve een weinig aantrekkelijke ruïne, waaraan ik de spreuk Lent of Hope and Glory, vermoedelijk geplaatst door (anti)krakers, nog het fraaiste onderdeel vind. Oordeel hieronder zelf.
Vijftig kilometer wandelen in een drukke stoet, geen moment stilte, continu publiek en entertainment langs de route. Er zijn, getuige de inschrijvingen, tienduizenden mensen die dat vier dagen achter elkaar zien zitten, maar dat is niets voor mij. Geef mij maar iets meer rust en de racefiets. Dat betekent niet dat de Nijmeegse Vierdaagse geen aantrekkingskracht op mij uitoefent. Gelukkig blijken Vierdaagse en velo prima te verenigen.
Op basis van de vier vijftigkilometerroutes van de iconische Walk of the World plande ik zo routegetrouw mogelijk een (race)fietsroute van tweehonderd kilometer door Gelderlands pracht: de Eendaagse van Nijmegen.
De route van de Eendaagse van Nijmegen (kleur markeert hier hoogte; het oranje segment is de bekende Zevenheuvelenweg)
In de komende posts volgen de vier etappes elkaar op: van de Wedren over de Waalbrug, in een dag de dagen van Elst, Wijchen, Groesbeek, en Cuijk tot Via Gladiola. Het was een schitterende nazomerdag, zonder feest en publiek, maar door het land van Maas en Waal met schitterende uitzichten, een paar mooie ontmoetingen, de Zevenheuvelenweg, stilstaan in Groesbeek, een stukje Duitsland, koffie en pannenkoek.
Voor wie overigens geïnteresseerd is in de route: die was, inclusief een paar keer kort verkeerd rijden, precies 200 kilometer en volgt later als GPX-bestand, inclusief wat kleine correcties.